Icon--npo Icon--EO Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--pinterestCircle Icon--facebook Icon--facebookCircle Icon--twitter Icon--snapchat Icon--instagram Icon--clip Icon--whatsapp Icon--pinterest Eva Logo
30 maart 2016 in Eva spiegelt
Reageer

Mag ik je uitdagen? Maak contact!

De afgelopen weken gonsden de prachtige woorden van aansporing door mijn hoofd. Herman die mij vooral tipte om ‘de mens’ te ontmoeten en niet ‘de moslim’. En Haithm die mij subtiel wees op de houding van Jezus; die van onvoorwaardelijke liefde. “Wees niet angstig. Neem een open houding aan. Deel je liefde uit.” En vooral zijn laatste woorden blijven mij bij: “Zij hebben dat nodig”. 


Na weken bidden – want dat was de tip die mij meerdere keren werd meegeven – was het nog steeds niet tot een ontmoeting gekomen. In mijn gesprek met Harriët had ik gesproken over de Arabische vrouw die ik geregeld op het schoolplein ontmoette. Mijn missie: vanuit mijn persoonlijke voorkeur – die van het aangaan van relaties, zou ik in gesprek gaan met deze vrouw. Niets geforceerd. Ontspannen. Belangstellend. 

Lichte paniek

Na de middag bij Stichting Evangelie & Moslims zorgde ik er op de donderdagen voor dat ik ruim op tijd bij de Peuterspeelzaal was, iets langer bleef hangen en ik was opeens extra belangstellend naar de juffen en andere moeders toe. Mijn gezicht droeg ik in een vriendelijke plooi, mijn ogen straalden van Jezus’ onvoorwaardelijke liefde. Maar… Die ene moeder was er niet. Week na week. Haar zoontje werd gebracht en opgehaald door broers, ooms, tantes, maar niet door zijn moeder. Ik raakte een klein beetje in paniek. 

De woorden van Harriët spookten door mijn hoofd: “Je hoeft het niet vanuit jezelf te doen. Handel vanuit je geloof. Bid er maar voor!”. Gebeden heb ik. En afgewacht. Had ik mij blindgestaard op deze ene vrouw? Liet ik nu kansen met andere moslimvrouwen aan mij voorbijgaan? Uiteindelijk heb ik Harriët gemaild. Help! Wat te doen? Was het toegestaan om een familielid aan te spreken en te vragen naar deze vrouw? Wat Harriët betrof kon ik dat gerust doen. En; ze zou voor mij bidden. Dat stelt gerust. Inmiddels was mijn zwangerschapsverlof ingegaan en zou ik daarmee mijn kansen vergroten. Zo stond ik niet alleen op de donderdagen ruim op tijd bij de Peuterspeelzaal, maar nu ook op de maandag. 

Dé ontmoeting

Maandagmiddag. Vijf minuten voor aanvang. Ik zet mijn fiets vlug neer, trek mijn dochter nog net niet achter mij aan – maar spoor haar wel aan flink door te lopen. Zojuist had ik de Arabische vrouw gespot in het klaslokaal. Het was nu een kwestie van tijd. Ik moest zorgen dat ik net op tijd bij de ingang was. Niet te gehaast, het mocht niet opvallen dat ik speciaal voor haar zo mijn best deed op tijd te komen. Mijn dochtertje slentert zo’n twee meter achter mij aan als de vrouw naar buiten loopt. Met aan haar zijde een neef, broer of oom. In elk geval met een jonge man. Heel kort schiet het door mijn hoofd of ik rekening met hem moet houden. Dat doe ik niet. 

Mijn ogen sprankelen, mijn glimlach siert rond mijn mond. Enthousiast als ik kan zijn: “Hé! Joh, wat heb ik jou lang niet gezien. Normaal gesproken zie ik je geregeld op het schoolplein.” Ik houd mijn enthousiasme vast. Ook haar gezicht straalt. Ik beken; dit gesprek had ik in gedachten natuurlijk al flink een aantal keren geoefend. Haar reactie verrast, maar ook weer niet. Het zou mij niet mogen verrassen. Natuurlijk reageert zij ook enthousiast, open, vriendelijk. Ze is vrouw, mens, moeder en toevallig moslim. 

Ik moet denken aan het boek dat Midden-Oosten correspondent Joris Luyendijk schreef: Het zijn net mensen. Een boek over ons vervormde beeld van het Midden-Oosten en haar mensen. ‘De media heeft ons een gefilterd, vervormd en gemanipuleerd beeld van de werkelijkheid getoond.’ Ik klets nog wat met haar en dan wil de neef, broer of oom verder. “Wie weet tot volgende week”, zeg ik. Ze draait zich nog eenmaal om: “Volgende week gaan we een week naar mijn familie.” De laatste kans om mij van mijn beste kant te laten zien: “Oh, wat gezellig! Heel veel plezier!” We lachen nog even naar elkaar, ze bedankt. En dan draait ze zich om en kom ik erachter dat mijn dochtertje inmiddels al zelf naar binnen is gegaan. 

Is dit nu waar ik zo tegenop heb gezien? Is het zo gemakkelijk? We kunnen het onszelf soms zo lastig maken. Uitgaan van ongemakkelijke situaties, in plaats van succesverhalen. Mag ik je uitdagen? Ga eens uit van het positieve. Maak contact. Toon interesse. Het werkt! En het maakt je dag zoveel mooier. Deel Jezus’ onvoorwaardelijke liefde uit. In het klein. 

In Eva spiegelt op bladzijde 26 lees je het uitgebreide artikel van Wieteke van der Ven.

Reacties