Icon--npo Icon--EO Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--pinterestCircle Icon--facebook Icon--facebookCircle Icon--twitter Icon--snapchat Icon--instagram Icon--clip Icon--whatsapp Icon--pinterest Eva Logo
30 september 2017 in Gezondheid

'Bizar dat je niets voelt terwijl er zomaar ‘een ding’ in je borst groeit'

Inge heeft DCIS: een mogelijk voorstadium van borstkanker. In de maand oktober beschrijft ze het proces dat ze doormaakt. "De huisarts kan niets ontdekken. Maar op zijn bureau ligt een keihard bewijs. Een zwart-witte tekening met een akelig scherp omlijnd rondje op die rechter borst."

Tot straks

De telefoon gaat. Het is een kort gesprek. “Tot straks,” klinkt mijn stem enigszins timide. Gedachteloos leg ik de hoorn neer en loop naar boven. Ik kleed me aan met een vreemde knoop in mijn maag. De zojuist uitgesproken woorden aan de andere kant van de lijn blijven echoën in mijn hoofd. Het blijkt de assistente van hun huisarts. “Mevrouw, dokter heeft de uitslag binnengekregen en wil graag een en ander met u doorspreken. Kunt u om half elf straks even langskomen?” “Oké,” zeg ik gedachteloos, "tot straks."

Ik kleed me aan met een vreemde knoop in mijn maag. De zojuist uitgesproken woorden aan de andere kant van de lijn blijven echoën in mijn hoofd.

“U hebt zelf niets gevoeld? Een knobbeltje of zo?” Nee, dat heb ik niet. Zo af en toe eens onder de douche beide borsten betast. “Mag ik ook even kijken?” De huisarts kan niets ontdekken. Maar op zijn bureau ligt een keihard bewijs. Een zwart-witte tekening met een akelig scherp omlijnd rondje op die rechter borst. De noodzaak van het bevolkingsonderzoek komt helder aan de orde. “Ik wilde deze keer eigenlijk niet gaan,” zeg ik, “het gaat al jaren goed.” En dat nare geplet van je borsten is geen pretje. Schoondochter die op Radiologie werkt heeft me kunnen overhalen om toch wel te gaan. Zo zie je maar!

De dokter legt uit wat de volgende stappen zijn. Papieren mee en bellen voor een afspraak in het ziekenhuis. De eerstvolgende keer dat ik voor een nieuwe foto kan is zes dagen later. Dat is lekker, wanneer je over twee dagen geboekt hebt voor een vakantie naar Samos. Manlief zegt: “Dan gaan we niet op vakantie.” “We gaan wel,” zeg ik, “die ene week maakt niks meer uit.” De kinderen worden ingelicht. Ze proberen het zo nuchter mogelijk te brengen, want ze weten nu nog niet zo veel. Dat zullen de komende onderzoeken moeten uitwijzen. Eerst op vakantie. Genieten van de zon, zee, lekker eten en de natuur. Vooral rusten. Bij elkaar. Bij God.

Twee weken na ons huisartsenbezoek zitten we in de wachtkamer van Radiologie. Een jolige wachtende breekt met zijn flauwe humor de stilte. Normaal zou ik me daaraan mateloos irriteren. Nu doet het goed. Mijn naam klinkt ineens door de ruimte. Jan zegt: “Succes. Tot straks.”

De morgen wordt besteed aan foto’s, echo en er kan een ‘biopt’ tussendoor gepland worden. Hoef ik niet nog een keer extra te komen. Ondanks de lieve begripvolle laboranten krijg ik het Spaans benauwd wanneer ik op die rare hoge tafel ligt. Ik word misselijk en kan niet goed op mijn buik liggen. Het zal heus de spanning zijn maar ook de ongemakkelijke pose: mijn borsten hangen in een gat. Alles wordt in het werk gesteld om te zorgen dat ik prettig lig. De boodschap: “We kunnen het beter nu helemaal goed hebben, want straks als de dokter met uw borst bezig is mag u niet bewegen.”  Fijn, dat helpt! Dus niet. Toch ervaar ik een rust. De woorden van een lied doemen op.

‘Ik vertrouw op U’. En dat weet ik dan op hetzelfde moment. Neuriënd in mijn hoofd kom ik de volgende twintig minuten door. Pleisters op de borst. Kleren aan en op weg naar de volgende afspraak. Ik stel vragen en krijg antwoord. Summier. De chirurg zal straks meer vertellen. Bij een kop ziekenhuiskoffie heeft manlief een goed idee voor straks als ze klaar zijn: een pannenkoek eten in hun favoriete restaurant. Hoe lief. Zo’n lekkere hoop doet… In de auto op de terugweg spreken ze hardop uit wat er net is verteld. Eigenlijk weer niet zo veel. Over drie werkdagen is de uitslag van de biopsie binnen. Terwijl hij steeds optimistisch is geweest, sluipt er nu iets binnen van twijfel. Ik houd de moed erin en herhaal het gesprek van de arts. Wel bizar dat je niets voelt terwijl er zomaar ‘een ding’ in je borst groeit.

De pannenkoek is lekker, maar smaakt een beetje anders.

Volgende week: ‘De landingsbaan’.


'Uitkijkpost' - door Inge Klumper

DCIS staat voor Ductaal Carcinoma In Situ. Een mogelijk voorstadium van kanker binnen de melkbuisjes. Het is (nog) geen borstkanker maar kan het wel worden. Jaarlijks krijgen ongeveer 2.500 vrouwen in Nederland de diagnose DCIS. En van het jaar 2017 is Inge er één van.