Icon--npo Icon--EO Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--pinterestCircle Icon--facebook Icon--facebookCircle Icon--twitter Icon--snapchat Icon--instagram Icon--clip Icon--whatsapp Icon--pinterest Icon--youtube Eva Logo
4 augustus 2018 in Uit & thuis

'Het is maar goed dat ik geen sportdocent bent geworden'

Tijs was er vroeg bij, met zijn eerste baantje. Op zijn achtste bracht hij al kranten rond. Maar een baan met verantwoordelijkheden was meer voor hem weggelegd. Daar zat hij goed in zijn vel en maakte grapjes. Die overigens niet door elke klant werden gewaardeerd…

“Vanaf mijn achtste was ik al krantenjongen, maar mijn eerste echte baantje was bij een drukkerij toen ik een jaar of vijftien was. Ik wist duidelijk wat ik leuk vond. Je kon me niet alles laten doen. Ik heb één vakantiebaan gehad waar ik heel kort heb gewerkt. Dit was bij een tuin waar ik plantjes moest poten en asperges moest plukken. Ik verdiende weinig, het was erg heet en ik moest de hele dag op mijn knieën zitten. Daar ben ik snel mee gestopt. Ik koos voor een vakantiebaan, omdat ik me anders te zeer verveelde. En ik wilde erg graag een PSV-shirt kopen. Maar dat vonden m’n ouders niet zo’n geweldig idee, dus heb ik uiteindelijk gespaard voor een cassetterecorder.”

'Ik werd publiekelijk uitgescholden'

"Mijn mooiste herinneringen heb ik aan mijn baantje als chef-groente in de supermarkt. Ik kreeg veel verantwoordelijkheden, zoals eten bestellen voor de volgende dag en een opstelling in de winkel maken. Alles moest er mooi bijliggen. Die baas vertrouwde mij en dat vond ik heel gaaf. Het begon als vakantiebaan, maar later ging ik daar ook in de weekenden werken. Ik heb niet alleen als chef-groente gewerkt, maar ook achter de kassa gezeten. Ik hield wel van een grapje en riep toen mijn collega naar huis ging: ‘Hey, er wordt wat gestolen!’ Mijn collega liep lachend weg, maar ik sloeg daarna een verkeerd product aan bij mijn klant. Die man werd zó boos. Hij riep: ‘Je kunt wel grapjes maken, maar dit gaat helemaal verkeerd!’ Ik werd publiekelijk uitgescholden, de hele winkel kon meegenieten. Dat heeft veel indruk op me gemaakt. Ik vergat soms ook wel eens om het geld terug te stoppen in de kassa. Dan lag het nog op de toonbank. Maar dat gebeurde niet vaak, anders kon ik mijn baan wel vergeten.”

Gymleraar

“Eigenlijk wilde ik altijd gymleraar worden. Ik schopte het niet ver genoeg om profvoetballer te worden, dus wilde ik het op deze manier doen. Maar ik werd niet aangenomen. Meerdere pogingen mislukten, dus ging ik naar de Evangelische (Hoge)school voor Journalistiek. Dit was eigenlijk mijn derde opleidingskeuze, maar vanaf dag één was het leuk. Als ik erop terugkijk, denk ik ook dat ik niet geschikt ben om dagelijks de radslag uit te leggen aan een stel kinderen. Met alle respect voor het werk van gymleraren natuurlijk. Dus het is maar goed dat ik geen sportdocent bent geworden.”