Icon--npo Icon--EO Icon--eva Icon--eva-slogan Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--pinterestCircle Icon--facebook Icon--facebookCircle Icon--twitter Icon--snapchat Icon--instagram Icon--clip Icon--whatsapp Icon--pinterest Icon--youtube Eva Logo
rouw verlies zoon kind
15 November 2018 in Hoofd & hart

Els verloor haar zoon: ‘God kondigde aan dat Hij mij zou troosten'

Els (56) verloor haar zoon Robert (32) in 2016 bij een vechtpartij: “Ik zakte in een ravijn. Waarom moest mijn zoon sterven?” Toch kondigde God de avond van tevoren al aan dat Hij er zou zijn, in haar diepe verdriet.

Els: “Het was september 2016. Ik was nietsvermoedend met mijn man op vakantie in Cochem. En daar sprak God tot me. Dat dit te maken had met het feit dat ik mijn zoon zou verliezen, daarvan had ik geen idee."

‘s Avonds nam ik de tijd om te bidden aan de rivier de Moezel. Opeens kwam de bijbeltekst uit Psalm 91 bij me op, waarin staat: ‘Ik ben je schuilplaats, onder Mijn vleugels ben je veilig.’ Daarna was het alsof God zei: ‘Ik zal troosten.’ In de heuvels zag ik een Mariabeeld. De gedachte kwam bij me op hoeveel verdriet Maria gehad moest hebben toen haar zoon Jezus stierf. Nog even nam ik de tijd om te bidden voor mijn kinderen. Het voelde alsof God zei: ‘Ik ga iets bijzonders doen.’"

Halsoverkop 

“Diezelfde nacht werd ik gebeld door mijn schoondochter. Mijn zoon Robert lag in zorgwekkende toestand in het ziekenhuis. Halsoverkop reden mijn man en ik naar het ziekenhuis in Amsterdam. Robert lag aan de beademing op de intensive care. Hij had een hersenbloeding gehad en was geopereerd.”

'Er ontstond een nieuw gevecht'

“Mijn man en ik hadden geen weet van de achtergrond van Roberts ongeluk. We hadden gehoord dat onze zoon bij een vrijgezellenfeest van een vriend in Amsterdam zou gaan. Hij zou daar gaan karten en met een bootje varen. Buiten op de Wallen bleek een gevecht te zijn ontstaan met drie Roemeense mannen. De oorzaak was onduidelijk. Robert had zich niet in het gevecht gemengd, hij rookte een sigaret in een steegje. Vijf van de tien vrienden van hem die een mep hadden gehad, liepen terug naar de kroeg. De andere vijf zag Robert buiten, en hij sloot zich bij de groep aan. Er ontstond een nieuw gevecht. Robert zag vanaf de kade Harry, zijn vriend, met een van de Roemeense jongens in het water liggen. Hij wilde Harry helpen, maar kreeg rechts in zijn nek een klap van een Roemeense jongen. Vanaf dat moment had hij een hersenbloeding. Er was een motoragent ter plaatse; die heeft waarschijnlijk de ambulance gebeld. Robert werd door de ambulance 25 minuten gereanimeerd.”

Hersendood

“De artsen wilden het eerst 24 uur aankijken. Ik dacht dat het wel goed zou komen, maar tegen de middag stonden de donorartsen aan zijn bed. Het ging zo snel. Ik besefte niet dat er iets ernstigs aan de hand was, maar in een korte tijd was hij zowel hersendood als donor geworden. En moest ik afscheid nemen van mijn zoon.”

'Hij had zich bedreigd gevoeld'

“Robert werd in de eerste week door de media als vredestichter bestempeld. Dat hoefde van ons allemaal niet. Een week later werd hij opeens omschreven als vechtersbaas. Dat deed ons verdriet. Wij wonen in een dorp en dan wordt er altijd gepraat. In november 2016 zagen we de beelden van de vechtpartij. Toen wisten we pas zeker dat Robert hier geen aandeel had en alleen Harry had willen helpen. De Roemeen die Robert een klap had gegeven, zei in zijn verklaring dat hij zich bedreigd had gevoeld. Er waren twee gevechten geweest waarin hij zich misschien bedreigd had gevoeld, maar het moment dat deze jongen uit het water kwam, vormde geen bedreiging. Robert deed niets. Er werd drie jaar geëist tegen de Roemeense man, maar uiteindelijk kreeg hij slechts 150 uur taakstraf. De rechter zei: ‘Gelijke monniken, gelijke kappen. Er is over en weer gevochten.’ De vrienden van Robert kregen zelfs hogere straffen.”

Niets gedaan

“Volgens de rechtbank was Robert slachtoffer en had hij een gering aandeel gehad. Dat geringe aandeel was het afweren en het horen bij de groep. Daarom ben ik zo verdrietig. Hij heeft niets gedaan. Waarom moest mijn zoon nu sterven? Hij heeft zijn vriendin en twee kleine kindjes van drie en vijf jaar achtergelaten.”

'Ik kocht een Bijbel voor de dader'

“Toch kreeg ik het op mijn hart om Roemeense Bijbels te kopen voor de Roemeense jongens. Bij de rechtszaak zag ik de broer van de dader, die ook had meegevochten. Ik gaf hem de Bijbels. Op die dag was de dader er niet, maar op de vierde dag van de rechtszaak was hij er wel. Hij zei dat hij dit bijzonder vond en dat hij de Bijbel voor altijd bij zich zou dragen. Ook bood hij zijn excuses aan voor wat hij Robert had aangedaan. Ik heb geen haatgevoelens ten opzichte van hen. Het was niet mijn eigen idee om Bijbels voor hen te kopen. Dat kwam van God. Ik hoop toch dat de jongens op deze manier tot geloof komen en dat de dood van mijn zoon niet zinloos is geweest.”

Gat in mijn moederhart

“Na Roberts dood heb ik in eerste instantie non-stop gehuild. Ik was uitgeput. De manier waarop het was gebeurd, kon ik niet rijmen met mijn eigen denken. Waarom was mijn kind weg? Ik zakte in een ravijn en wilde zijn dood niet accepteren. Ook worstelde ik met mijn geloof. Ik had dat beeld van Maria en Jezus gekregen, drie uur voordat Robert zijn hersenbloeding kreeg. Dat moment heb ik zo goed onthouden. Als God tegen mij zegt: ‘Ik ga iets bijzonders doen,’ wat is hier dan zo bijzonder aan? Dit is afschuwelijk. Het verlies van Robert vormt een gat in mijn moederhart. Dag na dag probeer ik het leven weer op te pakken. Ik denk niet constant meer aan Robert. Hij flitst nog wel steeds door mij heen. Om de week zie ik de kleinkinderen. Ik wil hen graag dicht bij mij houden. Ik geniet van deze kinderen en herken Robert in hen.”

Worsteling

“Onlangs heb ik aangeklopt bij een hulpverlener. Het lijkt alsof ik in een doolhof zit en de deur niet kan vinden. Ik ben vaak onrustig en niet geconcentreerd. Andere keren gaat het weer wat beter. Ik heb nog nooit eerder hoeven rouwen. Het gaat diep en ik leef bij de dag. Vaak luister ik naar christelijke liederen van bijvoorbeeld Kees Kraayenoord.  Door te bidden, probeer ik dichtbij God te komen. Dit is wel een worsteling. In het begin was ik ongelofelijk teleurgesteld in Hem. Ik snapte niet waarom mijn kind weg was. Wel wil ik geloven dat Robert bij Jezus is en het goed heeft. Alleen krijg ik van God geen antwoord op mijn vragen. Langzaam gaat het iets beter met mij. Vriendinnen kwamen in het begin eten brengen, het huis schoonmaken en helpen waar zij konden. Door mijn familie en vriendinnen heen merkte ik Gods troost.”

Lees ook dit artikel over omgaan met rouw: ‘Je komt niet zozeer over je verdriet heen, je gaat er dóórheen’.