Eva Logo
geen plaats in de herberg
19 december 2018 in Geloof

Door Kerst mogen mijn ellebogen rusten

Of het nu gaat om het mooiste haakje van de kinderkapstok, de luie stoel voor de televisie of een plekje mama's schoot: de strijd om de beste plaats zit er al vroeg in, ontdekt Hanneke. Maar door Kerst weet ze dat de strijd al gestreden is.

Een van de tekortkomingen van het menselijk lichaam is de aanwezigheid van slechts één schoot. Van deze tekortkoming kan je lange tijd in het ongewisse zijn, tot het moment aanbreekt dat je meer dan één kind ter wereld brengt. Dan kom je ineens een schoot tekort. Gezien mijn kinderschare van twee zoons en een dochter kom ik dus zo’n twee schoten te kort. Geen probleem, zou je denken. Gewoon om de beurt erop.

Maar zo eenvoudig blijkt het met name voor mijn mannelijke nakomelingen niet te liggen. Het leven is namelijk een wedstrijd, zo is hun opvatting. En dan een in de categorie die bij voorkeur gewonnen moet worden. Delen en om de beurt past niet in dit verhaal. Of het nu gaat om het mooiste haakje van de kinderkapstok, de luie stoel voor de televisie of een plekje mijn schoot: de strijd om de beste plaats zit er al vroeg in.

Voor ons idee moesten we hijgen en dringen

Ze hebben het niet van een vreemde. Toen in het grote gezin waarin ik opgroeide een van mijn broers het huis verliet om op kamers te gaan, stond ik al met mijn kleren onder de arm te wachten terwijl hij de laatste spullen nog van zijn kamer haalde. Eindelijk had ik mijn eigen plekje veroverd.

Afgelopen voorjaar waagden wij ons in het wespennest dat ‘randstedelijke huizenmarkt’ heet. Voor ons idee moesten we hijgen, dringen en met onze ellebogen werken om een plek te vinden waar we ons gezin konden herbergen. We vonden een plaats. Niet onder de brug, maar een mooi huis, waar we dankbaar in wonen. Maar wat was het een strijd.

Eindeloze wachtlijst

En wie strijdt er niet ergens in welke vorm dan ook voor zijn plaats? Plaats in het bedrijf waar je werkt, maar waar je boventallig dreigt te worden. Plaats bij de arts die jou kan helpen, maar waar een eindeloze wachtlijst voor is. Plaats in het hart van de geliefde naar wie jouw hart uitgaat, maar die zijn hart vol heeft van een ander.

Hoe vaak verlies je niet? Wordt de plaats die je voor ogen had, ingenomen door een ander? Alleen de sterksten lijken te winnen. Het is om moedeloos van te worden.

Jaren geleden, in de tijd dat Augustus als keizer in Rome zetelde, was er een kind. Het was nog niet geboren. Zijn moeder droeg het nog in zich mee. Ze reisde naar een stadje waar het vanwege een volkstelling zo druk was, dat er nergens plaats was om de nacht door te brengen. Zelfs het feit dat de aanstaande moeder op het punt stond om te bevallen, liet blijkbaar niemand opschuiven om plaats te maken.

Hij streed om plaats te maken

Er was dus geen plaats voor het kind. Maar zoals dat gaat met bevallingen: die laten zich niet tegenhouden. Plaats of geen plaats. Het kind kwam dus ter wereld in dat overvolle stadje en werd noodgedwongen in een voerbak gelegd die tot wieg geïmproviseerd was. De Koning van hemel en aarde was mens geworden. En er was geen plaats voor hem. De Heer van de hemelse legers sabbelde op zijn knuistje in plaats van te vechten voor de ereplaats die hem toekwam.

Het kind groeide op en werd een man. Hij deed wonderlijke dingen, vertelde van een Koninkrijk dat gekomen was, werd geliefd en gehaat. Hij streed. Door te sterven. Door weer op te staan. Hij streed om plaats te maken. Plaats voor mensen.

Vlak voordat zijn lijden begon zei hij: ‘In het huis van mijn Vader is plaats voor veel mensen. Daar mag je op vertrouwen. Want ik heb gezegd dat ik wegga om voor jullie een plaats klaar te maken.

Mijn ellebogen mogen rusten. De strijd is al gestreden. Hij die geen plaats had, heeft al plaats gemaakt.


Lees hier ook een andere column van Hanneke: over een ongenode gast.