Eva Logo
LEV
28 januari 2019 in Liefde & relatie

‘Er zat leven en dood in mijn buik’

“Ik heb drie kinderen, waarvan er twee bij ons wonen”, antwoordt LEV-zangeres Liesbeth Koedoot op de vraag hoeveel kinderen ze heeft. Baby Nine stierf in haar buik, terwijl tweelingzusje Saar vocht voor haar leven. “Ik heb het uitgeroepen naar God: ‘Hallo, waarom doet U niets?’”

“Freek en ik maakten al muziek met elkaar in de band LEV voordat we een relatie kregen. Hij is een stuk jonger dan ik. Het was wel even spannend toen het iets werd. De andere bandleden vroegen: ‘Wat als het misgaat tussen jullie?’ Het ging niet mis. Tijdens een reis in Amerika – samen met mijn beste vriendin Kinga Bán en haar man – zijn Freek en ik heel spontaan getrouwd. In Las Vegas! Niet met zo’n Elvis erbij, hoor, maar in een klein kapelletje met een dominee. Onze families waren verrast; ze keken ’s nachts mee via een livestream. We moesten heel wat papierwerk invullen voordat het huwelijk wettelijk geldig kon worden verklaard. In Nederland hebben we later nog een kerkdienst en feest georganiseerd.”

Twee hartjes

“Twee jaar later was ik zwanger. Bij de eerste echo wisten we gelijk dat er een tweeling onderweg was. We vonden het superleuk. De twintigwekenecho was perfect, er klopten twee hartjes van twee meisjes. Ik dacht: we hebben dit gehaald, dus komt de rest ook wel goed. Maar vier weken later was het helemaal mis. Tijdens een controle bij de gynaecoloog kwamen we van onze roze wolk in een zwart gat terecht. Eén baby was heel groot en had veel vruchtwater aan haar kant, de andere baby lag helemaal platgedrukt tegen de placenta aan en kreeg geen voeding meer. Het bleek om het ‘Tweeling Transfusie Syndroom’ te gaan. Als we niets zouden doen, zou dat de dood van de kleinste baby betekenen.

‘We wilden er alles aan doen om beide baby’s te redden’

We moesten direct naar het ziekenhuis in Leiden, dat hierin gespecialiseerd is. De arts gaf ons een paar mogelijkheden, waaronder het beëindigen van de zwangerschap. Dat was voor ons sowieso geen optie. We wilden er alles aan doen om beide baby’s te redden. Het was een onmogelijke keuze, dus lieten we de artsen beslissen. Binnen een uur lag ik op de operatietafel. Met twee stokjes, een camera en een laserapparaat probeerden de artsen mijn placenta te splitsen, zodat de tweeling een grotere overlevingskans zou hebben. Vooraf gaf de arts aan dat hij tijdens de operatie mogelijk de navelstreng van de kleine baby moest doorknippen. Als twee kinderen verdrinken, probeer je er altijd één te redden, zo legde hij het uit. Ondanks dat het er niet goed uitzag, deed hij dit niet. Het ziekenhuis was erg vol, dus kwam ik na de operatie op een zaal terecht met net bevallen vrouwen. Dat was heel confronterend. Eén kersverse moeder kwam steeds haar baby bij me brengen om me te troosten. Ik vond het verschrikkelijk.

Gat in mijn baarmoeder

Voor de operatie adviseerden de artsen om onze baby’s namen te geven. Als het mis zou gaan, zouden we niet achteraf een naam aan een dood kindje hoeven geven. De naam Saar hadden we al lang, zo noemden we de kleinste baby. De naam Nine hebben we ter plekke aan de grotere baby gegeven. Dat was fijn en voelde heel persoonlijk. De operatie mislukte. Saar en Nine leefden allebei nog, maar de placenta was niet gesplitst. We konden niets anders doen dan afwachten. Omdat ik een gat in mijn baarmoeder had, mocht ik wekenlang alleen maar liggen.”

‘Hallo, waarom grijpt u niet in?’

LEV

“Ik heb me nooit zo eenzaam gevoeld als in die tijd. Mensen in mijn omgeving wisten niet wat ze moesten doen of zeggen. Ik had God nog, dacht ik, maar juist in die tijd voelde Hij voor mij zo ver weg. Ik heb het naar God uitgeroepen: ‘Hallo, waarom grijpt U niet in?’ Rationeel wist ik dat Hij er altijd is. Altijd had ik gezongen dat je op God kunt vertrouwen, maar in die tijd ontdekte ik hoe moeilijk dat soms kan zijn. Ik had gehoopt op zijn troost en nabijheid, maar ik voelde helemaal niks van Hem. Ik was teleurgesteld en zong in die tijd geen noot.

Zwart voor mijn ogen

Twee weken later voelde mijn buik weer raar aan en moest ik naar het ziekenhuis. Een tweede operatie volgde, omdat Saar het heel zwaar had. Dit keer lukte het om de placenta doormidden te laseren. Iedereen was enorm opgelucht. De volgende dag had ik een echo. Ik zag niks bewegen. De echoscopist zei: ‘Het is niet goed.’ Verder hoorde ik niks meer. Nine was overleden. Het werd zwart voor mijn ogen, ik dacht dat ik flauwviel. Heel onze wereld stortte in. Ik dacht: waar hebben we het allemaal voor gedaan? Krijgen we überhaupt nog wel een kind, of is dit het?”

Tussen leven en dood

“Weer moest ik liggen en afwachten. Ik had leven en dood in mijn buik, dat voelde heel naar. Omdat Saar achter lag en nauwelijks kracht had, voelde ik veel minder beweging in mijn buik. Over Nine rouwde ik nog niet, omdat ik zo’n overlevingsdrang voelde voor Saar. Alle stress werd me bijna te veel. Na dertig weken beviel ik met een spoedkeizersnede van een levend kindje en een dood kindje. Ik werd in slaap gebracht, terwijl Saar met spoed naar de Intensive Care werd gebracht. Voor mijn man Freek was het een nachtmerrie. Toen ik wakker werd, ben ik bij de couveuse gaan kijken. Ik zag een kindje van 950 gram, nog niet eens een pak suiker, zo klein en dun, aan de beademing en aan allemaal draden en lijnen liggen. Ik kon het niet aanzien.

‘Waar is de depressieve muziek?’

We mochten een mooi mandje voor Nine uitkiezen. Toen besefte ik: mijn buik is leeg, mijn ene kind ligt hier dood in mijn armen, de ander vecht in de couveuse voor haar leven. Er was totaal geen blijdschap, angst overheerste alles. Er werd volop voor ons gebeden, maar ik had alleen maar vragen. Waarom moet zo’n klein kindje dit meemaken? Veel christelijke nummers gaan over hoop en Gods goedheid, maar op dat moment zat ik daar helemaal niet op te wachten. Ik dacht: waar is de depressieve muziek met vragen en twijfels? Daar heb ik achteraf een liedje over geschreven, genaamd Hoe lang nog tot het licht wordt? Een liedje met alleen maar vragen. Freek en ik hebben meerdere liedjes geschreven in die tijd. Het was een soort rouwverwerking.”

Bak popcorn

“Je krijgt veel rottige uitspraken, zoals: ‘Gelukkig heb je nog een kindje.’ Dat wil je niet horen, want je bent gewoon een kind verloren. Sommige mensen kwamen met hun verdriet en maakten er hun eigen verhaal van, terwijl ik dat er niet bij kon hebben. Ik heb het meest gehad aan vrienden die gewoon langskwamen en af en toe meehuilden. Of een bak popcorn maakten. Je hoeft niet te proberen iets goed te praten, want dat kan niet. Ik heb het hele verhaal opgeschreven, ook dat hielp. Voor Nine hebben we een mooie grafsteen laten maken, zodat we haar na alle chaos letterlijk een plek konden geven. Verwerken klinkt alsof je het achter je laat, maar dat is niet wat er gebeurt. Je leert leven met een plekje in je hart dat leeg is.

Geen vervanging

We hebben er bewust voor gekozen om Saar te vertellen over haar zusje. Ze hebben in de buik in elkaars armen gelegen, ik geloof dat kinderen dat al meekrijgen. Saar is heel bang geweest om alleen te zijn. Ze wordt weleens huilend wakker, omdat ze Nine mist. We proberen haar plekje niet in te vullen. Mijn jongste dochter Nova is niet een vervanging voor Nine. Ik zeg vaak dat ik drie kinderen heb en dat we voor twee kinderen mogen zorgen. God zorgt voor de derde.”

Morgen dans je weer

“In de moeilijke tijd heb ik veel aan het lied Morgen dans je weer gehad. Het kostte mij ruim een jaar voordat ik zonder schuldgevoel weer kon genieten van het leven. ‘Prijs Hem, in je dag vol zorgen, in je angst vol morgen, zing’, die tekst is voor mij zo toepasselijk. Ik weet nog dat ik dacht: moet ik nu weer ‘Groot is uw trouw’ zingen? Rationeel maakte ik de keuze om God toch weer te prijzen, ondanks mijn dag vol zorgen. Ik merkte hoeveel kracht daarvan uitgaat. Ooit zullen we Nine weer zien. Tot die tijd probeer ik te blijven hopen en vertrouwen.”

Lees ook: door een loslatende placenta kreeg mijn baby geen zuurstof meer.

Tekst: Charlotte van Egmond
Beeld: Nienke van Denderen