Icon--npo Icon--EO Icon--eva Icon--eva-slogan Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--pinterestCircle Icon--facebook Icon--facebookCircle Icon--twitter Icon--snapchat Icon--instagram Icon--clip Icon--whatsapp Icon--pinterest Icon--youtube Eva Logo
Femkes zusje pleegde suïcide
15 april 2019 in Lijf & leven

Femkes zusje pleegde suïcide: ‘Ik heb hier nooit vrede mee’

Het 18-jarige zusje van Femke* (25) pleegde 1,5 jaar geleden suïcide. Wanneer haar zusje haar telefoon niet opneemt op haar dagelijkse skeelermoment, weet Femkes moeder dat het foute boel is.

Femke: “We hadden al heel wat moeilijke jaren achter de rug en ook meerde suïcidepogingen van mijn zusje. Mijn moeder had daarom met mijn zusje de afspraak gemaakt, dat ze haar meerdere keren belde wanneer ze aan het skeeleren was om te vragen of alles goed ging. Normaal nam mijn zusje dan altijd op, maar deze keer deed ze dat niet. Door alles wat we al meegemaakt hadden, wist mijn moeder dat het foute boel was. Ze is in de auto gestapt om samen met mijn andere zusje te gaan zoeken.

Echt weg

Toen ze haar na een kwartier niet gevonden hadden, heeft mijn moeder de politie gebeld. Die is direct in actie gekomen: daar zijn we heel dankbaar voor. De politie vertelde mijn moeder dat zij het beste naar huis kon gaan, zodat daar ook iemand was. Vervolgens heeft ze mij gebeld. Zelf was ik op dat moment thuis. Mijn moeder vertelde me dat mijn zusje deze keer echt weg was. Toen ik dit hoorde raakte ik in paniek. Om eerst wat rustiger te worden, heb ik bij een collega koffie gedronken. Zij heeft me daarna naar mijn ouders gebracht. Toen ik aankwam, was de politie er al. 

In het dorp is een opsporingsbericht uitgegaan, de scouting is gaan zoeken, de ME is geweest en er is een helikopter ingezet. Wij hebben die nacht thuis gezeten en gewacht. We hebben geen oog dichtgedaan. De familie had een rooster gemaakt, zodat er de hele nacht familieleden waren als een soort stabiele factor. Ik vond het heel moeilijk dat we zelf niets konden doen. Je bent de hele tijd aan het wachten. Het enige wat je in zo’n nacht kan doen - en tegelijk het belangrijkste wat je kunt doen - is bidden. Bidden of het toch goed mag komen. Al weet je op zo’n moment niet goed wat je moet bidden. Je weet eigenlijk al bijna zeker hoe het eindigt, maar dat wil je niet. Je weet niet of en hoe het opgelost kan worden. Dan blijft er eigenlijk alleen maar een ‘help’ over naar God toe. 

’s Morgens stond de politie voor de deur. Ze vertelden ons dat mijn zusje gevonden was. Met mijn verstand wist ik eigenlijk al wel dat het niet meer goed zou komen, maar op dat moment merkte ik dat ik nog steeds hoop had. Op dat moment stond de wereld stil. Alles houdt op. Het is niet uit te leggen wat er dan met je gebeurt.

We proberen bewust te spreken over hoe ze was vóór haar ziekzijn

Mijn zusje was altijd al kwetsbaar en sinds haar veertiende ernstig psychisch ziek. Ze was heel depressief en had een eetstoornis, die twee wisselden elkaar af. Ze ging niet meer naar school. Meerdere keren nadat ze een poging had gedaan, hebben we in het ziekenhuis gestaan en dachten we dat we haar kwijt waren. Uiteindelijk is ze die keren gespaard gebleven. Voor ons was het soms niet de vraag óf het mis ging, maar wannéér het mis zou gaan. Ik had een goede relatie met mijn zusje, al was die de laatste jaren verstoord door de ziekte. Wanneer we als gezin over haar praten, proberen we ook bewust te spreken over hoe ze was vóór haar ziekzijn. Over hoe ze was als kind en over haar humor. Ik heb het graag over haar, want dan voelt het alsof ze dichterbij is.

Alles beter dan dit

Er zijn momenten dat ik niet weet hoe ik verder moet. Het grijpt me dan enorm aan dat het nooit meer helemaal goed wordt in mijn gezin, in mijn familie en in mijn eigen leven. Voor mensen die verderaf staan, is het alweer 1,5 jaar geleden. Terwijl ik nog steeds dagen heb waarop ik het niet kan bevatten. Dan denk ik: straks kom ik thuis bij mijn ouders en dan zit ze daar op de bank. Mensen vroegen aan mij of ik er vrede mee heb. De gedachte achter die vraag is waarschijnlijk dat mijn zusje het ontzettend zwaar had. Haar ziekzijn was vreselijk voor haar en voor ons was het ook zwaar, maar ik heb hier nooit vrede mee. Ik weet zeker dat mijn ouders hun hele leven voor haar hadden gezorgd. En als zij het niet meer hadden gekund, dan had ik het overgenomen. Alles beter dan dit.

Soms denk ik: had ik het kunnen tegenhouden?

Wat ik tegen mijn zusje had willen zeggen is: ‘Als je ook maar enigszins twijfelt of het voor ons te zwaar is om voor jou te zorgen en om jouw verdriet te zien, weet dan dat het zwaar is, maar dat het niet opweegt tegen het gemis.’ Ik denk dat deze boodschap ook voor andere mensen geldt. We hadden momenten dat we niet wisten hoe we de zorg voor mijn zusje praktisch en emotioneel moesten volhouden. Maar met terugwerkende kracht, mijn hele leven lang, had ik er alles voor gedaan.

Heb ik wel genoeg laten merken hoe belangrijk ze was? Hoeveel ik van haar hield, hoeveel wij van haar hielden? Bij iedereen die ze kende had ze een speciaal plekje, juist misschien wel omdat ze zo kwetsbaar was. Wat hebben we veel mensen gesproken die het graag anders hadden gezien. Die nog zoveel in haar zagen, wat ze had kunnen worden. Met haar verstand wist ze dat ook wel, maar ze vóelde het niet. Dat kun je niet veranderen. Soms denk ik: had ik het kunnen tegenhouden? Maar dit is niet tegen te houden, niet van buitenaf. God had het gekund, maar het was haar tijd. 

‘Mijn hoop is op U’

Door wat er is gebeurd, heb ik ook veel geworsteld in mijn geloof. Daar voelde ik me vervolgens weer schuldig over. Onlangs las ik ergens dat rust vinden bij God betekent dat je je vragen en waaroms bij Hem durft neer te leggen. Die mogen er zijn. In boeken of artikelen die ik las, waarin mensen iets soortgelijks verdrietigs hadden meegemaakt, gaven zij soms aan dat ze vrede hadden met de situatie. Als ik eerlijk ben, heb ik dat helemaal niet. Ten diepste geloof ik dat het overlijden van mijn zusje ergens goed voor is, maar het past niet bij wat ik nu voel.

Op de rouwkaart hebben we geschreven: ‘En nu, wat verwacht ik, Here? Mijn hoop is op U.’ Zelf weet ik het niet, maar God weet het. Op deze aarde ga ik het nooit begrijpen. Ik hoop dat ik later mag gaan zien, waar het gemis van mijn zusje goed voor was.”  
 

Onze collega's van Ik mis je hebben onlangs een podcast uitgebracht, waarin rouwdeskundige Manu Keirse met mensen in gesprek gaat over rouw. Je kunt hem hier beluisteren.

* Femke is niet de echte naam van de geïnterviewde