Eva Logo
vluchtelingenkinderen
10 juli 2020 in Hoofd & hart

'Als moeder wil ik hier niet zijn'

Recent zagen we dat een aantal Europese landen minderjarige asielzoekers uit kampen opnamen. Toen afgelopen week een motie om kwetsbare vluchtelingenkinderen in Nederland op te nemen door de meerderheid van de Tweede Kamer werd verworpen, dacht ik weer even aan de kinderen die ik mocht bijstaan toen ik op Lesbos was.

Op zaterdag 25 januari kom ik voor de tweede keer aan op Lesbos. Je stapt uit het vliegtuig, de zon schijnt op je gezicht, je haalt de auto op en rijdt over een vakantie-eiland. Je zou bijna in de stemming komen om op een terrasje in Mytilini te gaan zitten. Bijna…

Maar je hoeft niet lang in de auto te zitten om enig vakantiegevoel onmiddellijk te laten verdwijnen. Hoe dichter je bij kamp Moria komt, hoe meer vluchtelingen je ziet. De mensen lopen met hun kinderen en boodschappen langs de straat op weg naar hun schamele onderkomen in het kamp. Ik parkeer mijn auto bij het kamp en voor de tweede keer loop ik dit kamp binnen. Ik weet wat me te wachten staat, maar wat een verschil met de december 2018, toen ik voor de eerste keer in het kamp was. Toen waren er ruim 6.000 mensen, nu zijn het er 20.000.

‘Er is zoveel nood’

Het is één grote mierenhoop van mensen. Op elkaar gepropt in veelal enkellaags tentjes. Als moeder van twee kleine jongens wil ik hier niet zijn. Er is zoveel nood. Ik zie kleine kinderen rondrennen en spelen tussen bergen afval, zwerfhonden en straatkatten. Ik zie vaders olijfbomen omhakken voor een vuurtje om ’s avonds enigszins warm te blijven. En als zwangere vrouw, ben je pas prioriteit als de weeën aanbreken. Hier wil je als moeder niet zijn, maar als hulpverlener van GAiN wil ik niets liever dan hier zijn. Ik voel me ‘thuis’.

Schoenendozen

Tijdens mijn tijd op Lesbos, deelden we met GAiN (Global Aid Network) ruim 3.300 gevulde schoenendozen uit in een gebouw schuin tegenover het kamp. Het hulpteam van GAiN werd uitgebreid met vrijwilligers uit het kamp. Zo mooi en bijzonder dat jonge dames uit het kamp ons hielpen om het uitdelen in goede banen te leiden. En ook heel praktisch voor de vertaling van Arabisch en Farsi in het Engels. Er was geen onderscheid tussen hulpverleners en vluchtelingen, we waren gewoon één groot team gedurende die dagen.

vluchtelingenkinderen

Moeders en kinderen kwamen een schoenendoos ophalen. De een vond het spannend om het gebouw binnen te komen, de ander was superblij. Met liefde en geduld deelden we de dozen uit en probeerden we de mensen even een fijn gevoel te geven. Eenmaal buiten het gebouw gingen de deksels al snel van de dozen, want dat cadeau moet natuurlijk meteen open.

‘Kinderen tekenden de angstige overtocht na’

Al snel zag ik de kinderen in het kamp met de voor mij bekende spulletjes als een tennisbal, een fluitje en knikkers spelen. Ik zag blije kindergezichtjes en dankbare ouders. De schriftjes uit de doos werden door kinderen gebruikt om de angstige overtocht van Turkije naar Griekenland na te tekenen. Als moeder vond ik het heftig om te beseffen dat ouders weten hoe gevaarlijk zo’n overtocht is, maar toch dit risico nemen. Ze hopen op een betere toekomst, maar is die er?

Tijdens mijn reis heb ik geprobeerd iets van God’s liefde te laten zien. Door even te spelen met een kind. Te luisteren naar iemands verhaal. Samen te eten en samen te huilen om het geweld en de trauma's die hen zijn overkomen, wetende dat ze nog niet veilig zijn. Dat nog steeds onduidelijk is hoe lang dit alles duurt. Op dit moment wachten vluchtelingen soms wel drie jaar in kampen de asielprocedure af, en dat in Europa.

Ik moest er weer even aan denken toen de Tweede Kamer afgelopen week tegen de motie om 500 vluchtelingenkinderen op te nemen stemde. Het lot van deze kinderen gaat me aan het hart. Ik hoop dat als mijn kinderen alleen zouden komen te staan, er mensen zijn die zich hun lot aantrekken, voor hen opkomen en zich over hen ontfermen.

Tekst: Marly Engel, communicatiemedewerkster bij GAiN
Beeld: Marijn Fidder

Lees ook: pedagoog Marijke hielp getraumatiseerde kinderen op Lesbos