Icon--npo Icon--EO Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--pinterestCircle Icon--facebook Icon--facebookCircle Icon--twitter Icon--snapchat Icon--instagram Icon--clip Icon--whatsapp Icon--pinterest Eva Logo

'We kookten met water uit het toilet'

Analciris Oviedo

  • Naam: Analciris Oviedo
  • Getrouwd met Norberto, moeder van zoon Osnaider (17), zoon Norhey (14) en dochter Natalia (14)
  • Woont in: Bogota

“In 1996 kwamen mijn man en ik in Bogota aan. We hadden niets bij ons, behalve het verlangen om te overleven. De realiteit bleek echter hard. Er was geen werk. De huur konden we niet betalen. We hadden geen geld voor stromend water, we kookten met water uit het toilet. Mijn zoon was vier maanden oud en ik raakte opnieuw zwanger. Ik was ten einde raad.

Als jong meisje had ik jarenlang op het platteland gewoond. Mijn vader is in ons huis vermoord tijdens de burgeroorlog. Mijzelf en mijn moeder lieten ze met rust, maar het was onveilig. We waren continu op onze hoede. Als kind liep je bijvoorbeeld het risico gerecruteerd te worden door de paramilities, en dat is nog steeds zo. Zo is er nu een gewapende groep die Plan de Golfo heet, en die kinderen oppakt en meeneemt. Daarnaast worden veel vrouwen en moeders psychologisch en fysiek misbruikt door hun partners en/of andere mannen in de gemeenschap. 

In mijn tienertijd ontmoette ik Roberto. We hebben een stabiele relatie. Roberto heeft een zus in Bogota. Zij nodigde ons uit hiernaartoe te komen: het was er veiliger, en je had goede kans op een baan, zei ze. Maar dat viel tegen.

Via een welzijnsorganisatie kon ik een opleiding volgen tot hulpkok/serveerster. Voor 3 dollar per dag werkte ik van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat. Mijn man werkte ook, hij sjouwde tasjes op de parkeerplaats van de supermarkt, en moest leven van de fooien die hij kreeg. Op een dag knoopte een vrouw een gesprek met me aan. ‘Wat wil je worden?,’ vroeg ze. ‘Zou je willen studeren?’ Ik dacht: studeren? Ik heb geen dromen, want ik heb geen geld. Ze nodigde me uit: ‘Kom de training volgen bij Conviventia. Hij kost maar 8 dollar per semester. Als je het niet kunt opbrengen, kun je in aanmerking komen voor een beurs.’

Ik besloot te gaan. En zo rolde ik in de training voor schoonheidsspecialiste, die ik na een jaar afrondde. Ik kreeg een baan aangeboden, maar twijfelde of ik daar klaar voor was. Ik was maar een plattelandsmeisje, ik kon toch niet de nagels van chique vrouwen uit de stad verzorgen?

In plaats daarvan accepteerde ik een baan als schoonmaakster. Maar het maakte me doodongelukkig. Op een dag had ik de kamer van mijn leidinggevende niet goed schoongemaakt en kreeg ik op mijn kop. Ik voelde me zo vreselijk dat ik dacht: als het anders kan, dan graag. Mijn vriendin drong erop aan dat ik alsnog de baan zou aannemen die ik eerst had geweigerd. 

Ik ging een tijdje als manicure aan de slag, en het was een verademing. Toen bedacht ik me dat ik ook wel wilde leren haarknippen en kleuren. Ik ging terug naar de training en maakte hem af.

Uiteindelijk ben ik in het diepe gesprongen: samen met een bevriende kapper ben ik mijn eigen salon begonnen. Daarbij was veel vertrouwen op God nodig. Ik had overal kleine schulden openstaan vanwege de investering in mijn winkel: bij de groentewinkel, de bakker enzovoorts. Maar de zaak groeide. Een verzorgd uiterlijk is belangrijk hier in Colombia. Voor weinig geld er goed uit zien, dat wil men graag. Het is nu acht jaar geleden en ik kan inmiddels ook werk bieden aan een jonge vrouw, Elisabeth. Ik hoop binnenkort een tweede filiaal te openen. Ik ben dankbaar voor wat God me heeft gegeven en dat ik Conviventia op het juiste moment heb leren kennen. Ik ben het resultaat van hun inspanningen en harde werk.”