Eva Logo
burn-out
21 april 2020 in Lijf & leven

Jans was heel gelukkig, toch belandde ze in een burn-out

Jans (49) deed haar werk en vrijwilligerstaken elke dag met volle plezier. “Die burn-out zag ik daarom niet aankomen.” Maar in de periode die volgde, leerde God haar iets: “Ik moest eerst mezelf opnieuw ontdekken, voordat ik mijn verlangen om andere vrouwen te helpen, kon waarmaken.”

Henk, de man van Jans, werkt als coördinator bij Open Arms, een christelijke vrijwilligersorganisatie in de Rotterdamse wijk Prins Alexander. De stichting huisvest zich in Het Palet, een voormalig schoolgebouw. Daar creëren vrijwilligers ontmoetingsmomenten en activiteiten voor buurtgenoten die niet meer aan de arbeidsmarkt kunnen deelnemen. Jans was een paar jaar geleden nog enorm betrokken bij deze bezigheden: “Ik vond het heerlijk om mensen te leren kennen en mee te draaien bij de wijkmaaltijden, taallessen, de kringloopwinkel en het ontmoetingscafé.”

Het verlangen

Jans krijgt in 2017 samen met vier andere vrouwen het verlangen om een activiteit in het leven te roepen voor een nieuwe doelgroep: vrouwen tussen de dertig en zestig jaar met al wat oudere kinderen (of zonder kinderen). Jans komt met de vrouwen bijeen om te brainstormen. “We hadden wat ideeën voor een initiatief, maar we ervaarden geen bevestiging van God met welk concreet plan we aan de slag konden. Uiteindelijk legden we de ideeën naast ons neer en ging ik vrolijk verder met alle andere activiteiten en met mijn werk als leerkracht in het speciaal onderwijs, met kinderen met gedragsproblemen.”

‘Ik was leeg, alsof mijn ventiel eruit werd getrokken’

In de zomer daarop gaat Jans met haar gezin op vakantie naar Frankrijk. Met geen mogelijkheid kan ze zich ontspannen. “Ik voelde me continu angstig en bezorgd. Dat vond ik raar. Ik vertelde het aan mijn man en besloot dat ik na de vakantie met de huisarts zou gaan praten. Maar aan het einde van de vakantie kwam de genadeklap al. Ik stootte mijn hoofd zo hard tegen een balk dat ik een hersenschudding opliep. Twee weken lang mocht ik niet werken, maar na die weken kon ik niet verder. Ik was leeg, moe en huilde aan één stuk door, alsof mijn ventiel eruit werd getrokken.”

Burn-out

Bij de huisarts valt het woord burn-out. “Daar had ik geen seconde aan gedacht. Ik ging altijd met plezier naar mijn werk en ik kreeg ontzettend veel positieve energie van wat ik als vrijwilliger deed. Ook accepteerde ik mezelf voor wie ik was en voelde ik me zeer gelukkig. Dan kon het toch geen burn-out zijn? In volledige verbijstering fietste ik naar huis. ‘Ik ben burned out,’ zei ik tegen mijn man. ‘Wat? Jij?’, antwoordde hij. Al mijn werk en bezigheden liet ik perplex uit handen vallen, de eerste weken die volgden heb ik bijna alleen maar geslapen.”

‘Ik had te veel hooi op mijn vork genomen’

Na een aantal weken stapt Jans naar een christelijke coach. “Ik had geen idee hoe ik een burn-out was beland en wilde samen met die coach op zoek naar de puzzelstukjes. Die vonden we. Ik kwam erachter dat wie ik ben en wat ik deed helemaal door elkaar gehusseld was. Zo was ik niet alleen moeder en vrouw, maar ook: vriendin, wijkbewoner, juffrouw, vrijwilliger bij de Voedselbank, bij Open Arms, bij… het werd een eindeloze reeks. Het drong tot mij door dat ik te veel hooi op mijn vork had genomen. Ook ontdekte ik dat ik ADHD heb, waarvoor ik al snel gedragstherapie volgde bij het ADHD Centrum, om nieuwe gedragspatronen aan te leren.”  

Herstel

Jans besluit voor een langere tijd te stoppen met haar werk als juf en vrijwilliger. Ze richt zich volledig op haar herstel. “Ik dacht: laat ik maar gewoon door dit proces heengaan, ik was ervan overtuigd dat ik er beter uit zou komen. Ik kocht een plakboek en vulde mijn dagen daarmee in. In tijdschriften zocht ik zo stukjes tekst of plaatjes over een burn-out, knipte dat uit en plakte het in mijn boek. Ook gebruikte ik mijn dagen om stille tijd te houden met God en kon ik eindeloos schrijven over wat mij die dag bezighield. Ook wandelde of fietste ik elke dag minstens een uur. Dat maakte me rustig, ik voelde God dichtbij en ging steeds meer verlangen naar deze ‘stille’ momenten. Langzaamaan ging het steeds beter met me.”

Stapje voor stapje

Na een halfjaar begint Jans twee uur per week te werken. “Dat was best heftig, ik was diegene die zo’n zware klas kon draaien en nu zat ik met één kind op de gang te lezen. Stapje voor stapje breidde ik mijn werk uit naar twee dagen in de week, in de vakantie daarop kwam ik tot de conclusie dat drie dagen mijn maximum is. Nu sta ik intussen weer twee dagen voor de klas en doe ik één dag ambulante taken. Ik merkte dat ik uiteindelijk de balans in mijn leven kon vinden door genoeg tijd voor mezelf en met God te nemen.”

‘Het verlangen om iets te doen voor vrouwen in de wijk kwam terug’

“Op den duur kwam het verlangen terug om iets te doen voor vrouwen in de wijk. Ik stelde mezelf de vraag: Wat kan ik voor die doelgroep doen wat mij geen energie kost? Ik dacht aan kleuren. Eén keer in de maand ging ik op woensdagochtend naar het Palet en nodigde ik een paar vrouwen uit om mee te kleuren, van die leuke kleurplaten voor volwassenen. De eerste ochtenden was ik met zes vrouwen aan het kleuren, later werden het er tien.”

Goede gesprekken

Tijdens het kleuren raakt Jans in gesprek met de vrouwen over wat er in hun leven speelt. Jans: “Ik had niet verwacht dat er uit die simpele ontmoetingen zulke goede gesprekken zouden komen. Ik zag het zelfvertrouwen bij de vrouwen groeien. Ik voelde dat ik door God weer in mijn kracht werd gezet, ik kon in Het Palet weer iets betekenen voor anderen. Mijn man kreeg het op zijn hart om ook een nieuwe activiteit te organiseren, maar dan voor mannen. Sindsdien hebben we elke woensdagochtend een creatieve ochtend, voor zowel een mannengroep als een vrouwengroep.”

‘Vrouwen zijn creatiever dan ze zelf denken’

Terwijl de mannen de grove klusjes binnen of buiten de voormalige klaslokalen klaren of binnengebrachte meubels voor de kringloopwinkel opknappen, stropen de vrouwen hun mouwen op om te kleuren, fotolijstjes op te knappen of oude stoeltjes een likje verf te geven. “Het mooie is dat vrouwen vaak creatiever zijn dan ze zelf denken. Eens kwam er een vrouw naar me toe met een oud tafeltje en vroeg: ‘Kun jij die voor me verven?’ Ik antwoordde: nee, dat kun jij zelf. Voor het eerst van haar leven kreeg ze een schuurmachine in handen en ging ze daarmee aan de slag. De stralende lach op haar gezicht toen de stoel klaar was, vergeet ik nooit.” 

‘Ik kan er gewoon ‘zijn’ en weet dat dat genoeg is’

“Het allermooiste vind ik om er voor die vrouwen te mogen zijn en ze te helpen waar ik kan. Maar Open Arms is natuurlijk geen schuldhulp of maatschappelijk werk – wij zijn meer familie met elkaar – als het nodig is verwijzen wij door naar professionals. Ik zie nu wel dat ik eerst samen met God door een proces heen moest, waarin ik mezelf opnieuw leerde kennen, voordat ik dit initiatief voor vrouwen kon waarmaken. Daar ben ik dankbaar voor. Zo ontwikkelde ik me van een drukke Jans die overal bij wilde zijn, naar een Jans 2.0, die vanuit haar rust prioriteiten stelt en zich daar volledig op richt. Nu kan ik er gewoon ‘zijn’ en weet ik dat dat genoeg is.”

Vanwege het Coronavirus vinden er in het Palet op dit moment geen fysieke activiteiten plaats. Jans: “Elke vrijwilliger die een activiteit organiseerde, houdt telefonisch contact met alle betrokken buurtgenoten. Zo houd ik contact met de vrouwen uit de wijk. Ik merk dat ik zelfs op deze manier van betekenis voor ze kan zijn, dat is zo mooi.”

Lees ook: 'Maykes man kreeg een burn-out''