Eva Logo
Gor Khatchikyan frontlinie
13 mei 2020 in Lijf & leven

Arts Gor Khatchikyan over zijn werk in de ‘frontlinie’

Gor Khatchikyan (33) staat als spoedeisende hulp arts (SEH-arts) aan de frontlinie van de Nederlandse strijd tegen corona. Hij bespreekt wekelijks met patiënten of een opname op de IC wel zinvol is. Zijn ervaring en zijn geloof zorgen ervoor dat hij staande blijft.

De arts van het Sint Antonius Ziekenhuis in Nieuwegein leefde deze weken op adrenaline, vertelde hij aan het Algemeen Dagblad. In alle stress blijft hij erop letten dat hij de mens achter het ziektebeeld blijft zien en het verdriet van patiënten hem blijft raken. Tegelijkertijd zegt hij: “Ik laat het verdriet achter in het ziekenhuis, anders kan ik mijn werk niet doen. Het werk gaat door, na elke ernstig zieke komt er weer een andere patiënt. Je wordt stilgezet en moet daarna opnieuw starten. Zo probeer je de dag door te komen.” 

Gor is onder de indruk van het aantal mensen met ernstige ademhalingsproblemen. “De ernst van hun benauwdheid overvalt me. En hoeveel het er zijn. Mijn collega’s, politici en ook ikzelf hebben dit van tevoren onderschat. Ik zei aanvankelijk: dit soort infecties komt en gaat. Maar wat ik nu zie is heel anders dan ik verwachtte; de snelheid waarmee het zich kan ontwikkelen en de ernst. Bij sommige mensen neemt de benauwdheid binnen enkele uren erg toe.”

Lijdensweg

In het tv-programma Op1 vertelde Gor over een tachtiger met corona die ernstig ziek was. Een man die nog in een rockbandje speelde, vol levenslust was. Toch moest Gor hem uitleggen dat een opname op de ic hem niet zou helpen. “Het is nooit zo dat ik sta te bekvechten. Je legt uit dat een opname op de ic een enorme lijdensweg inhoudt die de meeste mensen met ernstige chronische ziektes niet overleven. Wil je zo aan je einde komen? Er is slechts een kleine groep coronapatiënten die goed van de IC komt. Ik wil echter niet het beeld schetsen dat artsen en verpleegkundigen staan te turven: jij wel, jij niet. Je conditie en medische voorgeschiedenis bepalen wat er mogelijk is, daar kan ik niets aan veranderen. Ook de tachtiger die nog graag muziek wilde maken begreep het onmogelijke van zijn wens. Dat is emotioneel. Overigens: ook op de verpleegafdeling krijgt hij maximale zorg en kan hij erbovenop komen.”

Dat zijn collega’s en hij het volhouden heeft er volgens Gor mee te maken dat hun werk een roeping is. “Je kunt niet lang in de zorg werken als je het alleen ziet als een manier om je brood te verdienen. Je moet van mensen houden, bereid zijn iemands kots op te ruimen. Verder is het belangrijk dat de sfeer op de werkvloer goed is, dat we voor elkaar zorgen. Saamhorigheid en teamgevoel geven kracht om het lang vol te houden, want je bouwt mee aan iets veel groters. Dat blijft motiveren.”

Ondersteuning

Een deel van het zorgpersoneel krijgt extra steun. “De verpleegkundigen op de spoedeisende hulp zijn gewend aan het verlenen van acute zorg aan ernstig zieken. Wij zien vaak reanimaties van jonge mensen, zijn gewend veel ellende te zien. Maar voor ons personeel op de coronaverpleegafdeling, waar nu veel mensen overlijden, is dat ongewoon. Zij maken meer gebruik van de ondersteuning die het ziekenhuis biedt. Er is een speciaal team waar je naartoe kunt als je daar behoefte aan hebt. Daarnaast zijn er een paar keer per week intervisiegesprekken met de teams. Die worden geleid door een geestelijk verzorger.”

'In Zuid-Afrika leerde ik in chaos te werken, prioriteiten te stellen. Ik ben niet meer zo snel uit balans.

Het karakter van Gor is gevormd door zijn ongewone jeugd; met zijn ouders vluchtte hij als twaalfjarig vanuit Armenië naar Nederland. Wat bijdroeg aan zijn stressbestendigheid was een heftige periode als SEH-arts in een Zuid-Afrikaans ziekenhuis. In Afrika werd hij mentaal voorbereid, zegt hij. “Ik werkte in een ziekenhuis in het grootste township van Kaapstad, Khayelitsha. De spoedeisende hulp wordt daar tijdens de nachtdienst overspoeld door mensen die beschoten of neergestoken zijn. Ze liggen bloedend op de grond. De eerste week was ik in shock. Ik dacht: ik ga terug, dit trek ik niet. Ik hou van spanning, maar dit was zo overweldigend. Toch wende ik eraan. Ik leerde in chaos te werken, prioriteiten te stellen. Die eerste shock heb ik gehad, ik ben niet meer zo snel uit balans. Je past je aan, mentaal en fysiek.”

Die mentale training zorgde ervoor dat hij ook nuchter kon nadenken over slechte scenario’s, bijvoorbeeld over de mogelijkheid dat beschermende maskers opraken. “Ook zonder masker zou ik onze patiënten niet alleen laten sterven. Ik maak die keuze ook op basis van de verwachting dat ik een besmetting relatief goed zou verdragen. Ik kies voor het nemen van een risico en ga er niet vanuit dat ik dood neerval naast een patiënt die ik zonder masker ontmoet. Vandaar dat die angst mij niet zal tegenhouden.”

Geen lockdown

Het overheidsbeleid vindt Gor goed. “We moeten beseffen dat het RIVM met beperkte kennis handelt. Onderzoeken naar nieuwe ziekteverwekkers duren normaliter maanden. We moeten nu in korte tijd een standpunt innemen en beslissingen nemen. Ik vind het goed dat we geen volledige lockdown hebben. Een lockdown heeft alleen maar nadelen. Als mensen met een briefje naar buiten moeten, is dat een enorme aanslag op onze vrijheidsbeleving en ons geestelijk welzijn. Een prijs die je betaalt zonder iets te winnen. Wat we nu bereiken is epidemiologisch hetzelfde. Als je mensen zo goed isoleert dat niemand ziek wordt, heb je geen winst. Dan wordt alleen de tijd stilgezet.”

Tot zijn ergernis baseren veel mensen hun mening op informatie uit verkeerde bronnen. “Ik krijg nu verzoeken om artikelen te lezen over de vraag of dit de eindtijd is, of Bill Gates achter de coronaepidemie zit, of een vaccin het teken van het beest zal zijn… Mensen laten zich gek maken. Als ik naar de bronnen van die informatie kijk: kansloos. Wees een beetje voorzichtig als je webpagina’s bezoekt. Er zijn nu mensen die bang zijn dat ze gedwongen zullen worden een vaccin tegen corona te krijgen. Ik zag een filmpje van iemand uit de VS waarop een persoon in de houdgreep wordt genomen en een injectie krijgt toegediend. Ik zie dat het om een psychiatrische patiënt gaat die moet kalmeren, maar dit filmpje circuleert met de tekst: dit is een gedwongen vaccin tegen corona. Ik denk: jongens, doe effe normaal.”

Getuigen

Patiënten benadert Gor met oog voor geest, ziel en lichaam. Daarom durft hij ook van zijn geloof te getuigen. “Daar kun je met mensen over praten. Alle gesprekken die je voert met respect en uit oprechte interesse zijn goed. Als een patiënt van zijn motor gelazerd is, praat ik ook over motoren. Mensen praten graag over hun passie, dat vinden ze fijn. Ook een gesprek over hun geestelijke toestand vinden ze vaak prettig. Het feit dat je interesse toont in en belangstelling hebt voor meer dan de lichamelijke kwaal is meestal meer dan welkom. Ik ben open over wat ik geloof, maar zal niet aan een moslim vertellen dat hij Jezus moet aannemen. Wel kan ik zeggen dat ik in Hem geloof. Als de situatie ernaar is zal ik zeker vertellen dat iemand Jezus moet aannemen. Maar vanuit mijn professie kan ik dat niet ongevraagd doen, daarin is wijsheid nodig.”

'Als wij huilen, huilt Hij mee'

Verwacht van Gor geen uitleg over een succesevangelie. “God heeft nooit beloofd dat het makkelijk zou zijn, wel dat Hij bij ons zal zijn, ook als je weg door een donker dal gaat. Dat maakt het verschil, daarin vind ik mijn troost. Als wij huilen, huilt Hij mee. Hij kent alle patiënten persoonlijk. Ik hou vast aan die belofte. Alles in dit leven is relatief. Als we echt geloven dat er een hemel is, staat het leven op aarde niet in verhouding tot wat komen gaat, qua tijdsduur en glorie. Paulus zegt: het sterven is gewin. Dat plaatst alles in het perspectief van het veel grotere plaatje van wat God aan het doen is. In de tijd die we hier hebben, moeten we zo goed mogelijk voor de ander zorgen.”

Nieuw boek

Binnenkort verschijnt het vierde boek van Gor. Eerder beschreef hij onder andere zijn vlucht uit Armenië en zijn beginjaren in Nederland. De afgelopen maanden werkte hij aan: ‘De coronacrisis, verhalen van de frontlinie’. Hoe vond hij in zijn hoofd en agenda de ruimte om dat te schrijven?  “Ik hou verhalen en ontwikkelingen bij, dat kost me niet veel extra tijd. Je vindt voor alles een tijd als je prioriteiten stelt.”

Gor vindt het belangrijk om de verhalen van patiënten en collega’s te vertellen. “Ik wil hen niet in de anonieme massa laten verdwijnen, wil deze crisis een gezicht geven. Ik beschrijf ook wat het met mij doet, wat ik denk en voel. Ik geloof dat dit ook later voor mensen interessant kan zijn, om te weten: hoe is het geweest? Ik denk dat ik lezers kan bemoedigen door te laten zien dat wij ook door angst en onzekerheid gaan, hoe we dat overwinnen en dat het goed komt. Dat is de strekking van mijn boek. Na iedere chaos komt een moment van orde. Ik beschrijf ook wat ik in Afrika meemaakte, als het gaat om chaos het hoofd bieden. Ik verwacht dat het mensen kan opbouwen. Mijn boek verschijnt naar verwachting eind mei en is onder andere te bestellen via: gelukzoeker.eu.”

Lees ook het verhaal van verpleegkundige Alida: 'Door de pakken herken je je collega's nauwelijks'

Beeld: Artash Barekyan