Eva Logo
adoptiefvervalsing
11 februari 2021 in Hoofd & hart

Adoptievervalsing: geadopteerd als zusjes, maar Doriet en Mirjam blijken geen familie

Volgens hun adoptiepapieren zijn Doriet (41) en Mirjam (43) biologische zussen. Maar de uitslag van hun DNA-test bevestigt wat Doriet al jarenlang denkt: ze zijn geen familie, ook niet in de verte. Ze vertellen over hun zoektocht naar hun roots en de pijn die ze ervaren, maar ook over de steun van hun hemelse Vader.

In 1979 worden Doriet en Mirjam geadopteerd uit een kindertehuis in Jakarta, Indonesië. Twee zusjes tegelijk, om de kinderen bij elkaar te houden. De directrice van het kindertehuis is christelijk en spreekt Nederlands – dat boezemt vertrouwen in. De meisjes komen terecht in gezin Begemann, met naast hen nog drie andere geadopteerde kinderen. De oudste broer is geadopteerd uit Nederland, de broer en zus daaronder komen ook uit Indonesië.

Hun vader is dominee, dus ze verhuizen meerdere keren; van Bunschoten naar Zuidhorn, later naar De Bilt en Harderwijk. Als vier donkere kindjes trekken ze veel bekijks. Vooral Doriet heeft veel last van racisme. “Ik ben uitgescholden en aangevallen. Eens kreeg ik een Hitlergroet van neonazi’s – de politie greep niet in toen ik ze om hulp vroeg. Maar in ons huis waren wij in de meerderheid; daar maakten wij meer grapjes over onze blanke broer dan andersom.”

‘Toen Spoorloos niks vond, kwam het besef: kloppen de adoptiepapieren wel?’

Al vanaf haar zevende roept Doriet ‘tot op het irritante af’ dat ze geen echt zusje is van Mirjam. “Het klinkt vreemd: ik voel me wél een echt zusje van Mirjam, maar ik voel dat ze geen biologische zus van mij is. Het was een gevoel. Ik kon toen nog niet zover denken dat de adoptie misschien illegaal zou zijn.” Naarmate ze ouder worden, ontdekken ze dat ze steeds minder op elkaar lijken, zowel qua uiterlijk als karakter. In 2004 schakelen ze tv-programma Spoorloos in. “Zij konden niks vinden. Daarmee kwam het besef: kloppen onze adoptiepapieren dan wel?” Hun adoptievader, die alles had geregeld, kunnen ze het niet vragen: hij overleed in 1993.

DNA-test

Ondertussen gaat Doriet verder met haar onderzoek, waar ze een documentaire over maakt. Vijftien jaar lang is Mirjam er niet aan toe om een DNA-test te laten doen. Tot december 2020. Mirjam: “Ik was er inmiddels zelf aan toe, maar wilde ook Doriet op weg helpen. Ik zag haar in haar strijd, in haar zoektocht naar feiten.”

In januari komt de uitslag: er is geen enkele match. Mirjam: “Ik vond het fijn om te horen dat Doriet altijd gelijk heeft gehad. In mijn gevoel en in onze relatie verandert er niet veel. Maar het feit dat het zwart op wit staat, is wel een shock.” Doriet: “Er gaat een bepaalde opluchting door je heen, bijna een victoriemoment. Maar ergens had ik de hoop dat we toch zussen, halfzussen of nichtjes zouden zijn. Dan hebben we een aanknopingspunt om verder te zoeken. Nu moesten we een streep door de papieren zetten.”

Harde klap

Ook al wisten ze het antwoord eigenlijk al, de uitslag komt harder binnen dan verwacht. Doriet zoekt hulp bij een therapeut om met haar boosheid, woede en verdriet om te gaan. “Als we het twintig jaar eerder hadden geweten, hadden we het eerder kunnen onderzoeken. Ik heb spijt: wás ik maar naar Indonesië gegaan. Nu zijn de papieren weg en zijn veel mensen overleden. Daar heb ik heel veel verdriet van.”

‘De vraag ‘Waar kom je vandaan?’ kunnen we nooit beantwoorden’

Mirjam: “Het gaat om je bestaan, je existentie. Waar kom je vandaan, wat zit er in je genen? Op die vragen kunnen we nooit een antwoord geven. Door zo’n DNA-test wordt dat bevestigd. Dat gaat zo diep. Ik kan me voorstellen dat geadopteerden zo’n test niet willen doen. Je moet de afweging maken: durf ik de diepte in, in de hoop iemand te treffen? Er wordt gezegd dat je psychosociale hulpverlening moet zoeken in het proces, maar dat is te licht aangestipt. Zoek echt professionele psychologische hulp. Ik doe zelf een master Contextuele Benadering, waarbij het gaat over existentie – dat is mijn therapie.”

Vervalste adoptiepapieren

In de adoptiepapieren komen veel fouten naar boven. Zo staat Mirjam in het ene dossier als zesde of zevende kind vermeld, in haar geboorteverklaring als derde kind. De handtekeningen van de ouders op de geboorteverklaring komen niet overeen met die op de overdrachtsverklaring. En op beide verklaringen hebben de ouders dezelfde leeftijd, maar dat is praktisch onmogelijk.

In 1979 zijn er meerdere criminele netwerken blootgelegd in Jakarta, waarvan kindertehuizen en vroedvrouwen deel uitmaakten. Hoe het bij hen is gegaan, weten de zussen niet. “Er zijn zoveel kinderen door hun handen gegaan. Ze ronselden kinderen in de wijk. Vooral vanwege het geld, dat is ook wat commissie-Joustra zegt.”

Ook ontdekken ze dat de kindertehuisdirectrice in 1980 – een jaar na hun adoptie – in Indonesië is opgepakt vanwege documentvervalsing en medeplichtigheid aan kinderontvoering, waarbij ze zes maanden gevangenisstraf kreeg opgelegd. “Maar ze staat wel op foto’s uit 1982 van een Nederlandse bijeenkomst van geadopteerden. Haar kindertehuis werd gesloten, maar maakte even later een doorstart onder een andere naam.”

Op zoek naar tweelingzus

Met de vervalste adoptiepapieren en het onsuccesvolle onderzoek van Spoorloos, lijkt hun onderzoek te stranden. Toch wil Doriet alles inzetten om familie te vinden. In haar geboorteverklaring staat namelijk dat ze onderdeel is van een drieling – in hoeverre dat waar is, is de vraag. “Ik heb altijd het gevoel gehad dat ik een tweelingzus heb. Stel dat we een drieling zijn, dan denk ik dat er een is overleden in 1991. Het gevoel van rouw dat ik voelde toen mijn adoptievader overleed, herkende ik van het gevoel dat ik in 1991 ervoer.”

‘Het zoeken naar mijn tweelingzus is als naar een speld in de hooiberg’

“Onze casus is opgenomen in commissie-Joustra en ik ben bij verschillende media in beeld geweest. Ik had gehoopt op een reactie van mijn tweelingzus, dat zij misschien net als ik ook in Nederland is terechtgekomen. Maar ik heb nog niks gehoord. Je zou de grens over kunnen, er zijn in die tijd ook veel Indonesiërs geadopteerd in bijvoorbeeld Duitsland, Frankrijk en Zweden. Maar het is zoeken naar een speld in de hooiberg.”

Haar documentaire, die ze eind april hoopt af te ronden, is haar laatste troef. “Die wil ik wereldwijd gaan verspreiden. Nu die ‘sorry’ van de overheid er is, is voor mij het proces van loslaten begonnen. Ik wil verder met mijn leven. Zoals andere geadopteerden ook vaak zeggen: ik doe de deur dicht, maar houd de sleutel in mijn zak. Je weet maar nooit wat je nog kunt vinden.”

Rapport commissie-Joustra

Door het rapport van commissie-Joustra, dat ernstige misstanden in de Nederlandse adoptiecultuur aan de kaak stelt, schort de overheid adopties uit het buitenland voorlopig op. Mirjam: “Het is echt van belang dat ze ermee stoppen. Zorg dat je alles op orde hebt en neem kinderen in bescherming. Dat is een heel belangrijke voorwaarde voor adoptie.” Daarbij hoopt Mirjam dat de overheid geadopteerden tegemoetkomt die een DNA-test niet kunnen betalen.

Doriet: “Ze weten het al veertig jaar en hebben sowieso tot 1998 voortgebouwd op een verrot systeem. Het is goed dat ze pas op de plaats maken. Tegelijkertijd is het een hele moeilijke kwestie voor wensouders en voor kinderen die adoptie nodig hebben.”

Geadopteerd door de Vader

Doriet en Mirjam zijn allebei christen. Doriet: “Je leest in de Bijbel: ‘Wie zoekt die vindt, wie klopt wordt opengedaan’. Maar ik klop al twintig jaar aan… Je moet blijven vertrouwen, dat vind ik heel moeilijk.” Mirjam: “Jezus was ook zelf geadopteerd, door Jozef. Toen ik me heb laten dopen, was mijn getuigenis: ik heb het voorrecht om twee keer te zijn geadopteerd. Door de hemelse Vader en door mijn ouders. Ook al heb ik een ‘blackbox’ met allerlei vragen waarop ik het antwoord niet weet, ik weet dat onze Vader dat wel weet. Dat raakt me en geeft me rust. Je hebt zoveel emoties, en tegelijk voel je diep dat er Iemand is Die weet dat je ‘klopt’. Je hoeft het niet alleen te doen.”

Doriet: “We zijn gelukkig goed terechtgekomen, daarin zie ik Gods hand. Mijn identiteit is niet wat ik heb, wat ik doe of wat anderen over me zeggen. Ik ben een kind van God. Dat is mijn afkomst. Ik zou graag willen dat andere geadopteerden dat ook zo kunnen zien. Dat helpt om niet in het verdriet te blijven hangen, maar om ook vooruit te kijken.”

Ook Sumiati kwam erachter dat haar adoptie niet klopte. Lees haar verhaal: "De eigenaar van het adoptiebureau bleek zich te hebben beziggehouden met adoptiebedrog en kinderhandel."

Bekijk hier deel 1 van de documentaire ‘Mijn naam was’ van Doriet.

Illegale Adoptie | Docu 'Mijn naam was' | Deel 1 | Illegal Adoption | Docu 'My name was' | Indonesia