Eva Logo
hulp bij de opvoeding
2 oktober 2021 in Opvoeding en gezin

Column Mama Mirjam (15): hulp bij de opvoeding

Mirjam is getrouwd met Chris en heeft vier prachtige kinderen. De jongste, Livia (3), heeft het syndroom van Down, wat een verrijking is voor hun gezin. Over Livia schrijft ze voor Eva. Dit keer over hulp bij de opvoeding.

Door mijn achteruitkijkspiegel kijk ik naar een vrolijk snoetje op de achterbank. Twee glinsterende oogjes, een brede lach; mijn dochter. Mijn dochter met downsyndroom. Af en toe heb ik dat, dat ik me daar ineens heel bewust van ben. Ik heb een dochter met downsyndroom en we zijn onderweg naar de logopedist.

De logopedist heet Veerle, las ik in de mail. Het meest logische naamgebaar voor Veerle, probeer ik Livia nog even snel te leren. Twee vingers in V-vorm. ‘We gaan naar Veerle. Veerle.’ Livia lacht, probeert wat met haar vingertjes.  Ik lach terug en blijf de naam herhalen tot we de parkeerplaats oprijden. Grappig, dat ik hier zoveel zin in heb. Het bezoekje aan de logopediste voelt als een uitje.

‘Iemand die mee zou kijken? Nee hoor, ik ging dit eerst weleens zelf proberen’

Dat had ik me toch niet kunnen indenken. Als ik even terugga in de tijd, naar het moment dat we Livia’s diagnose bespraken met de arts, komen heel andere gedachten in me naar boven. De arts schetste ons de toekomst van Liv vol mogelijke beperkingen. Ze had waarschijnlijk slappe spieren en een matige mondmotoriek. Ze zou problemen krijgen met drinken en eten en... Het werd een hele waslijst, maar gelukkig kon ze hulp krijgen. Of beter gezegd, wij als ouders konden hulp krijgen.

Bijna gelijk na het uitzwaaien van de kraamhulp, konden we de logopediste en fysiotherapeute verwelkomen. Ik kan me voorstellen dat ik verbaasd mijn wenkbrauwen heb opgetrokken bij deze mededeling. Iemand die mee zou kijken als ik Livia voedde? Nee hoor, ik had ervaring genoeg en ging dit eerst weleens zelf proberen. Ik wilde vertrouwen hebben in mijn dochter en in mijn eigen kunnen. We zouden het met elkaar avonturen en ontdekken hoever we samen konden komen. Was het eigenwijsheid? Trots? Of simpelweg een gezonde dosis zelfvertrouwen? We deelden het eenvoudig mee: ‘We gaan het zelf proberen en trekken aan de bel als we hulp nodig hebben.’ Wat de arts ervan vond, weet ik niet. Het deed er ook eigenlijk niet toe. We gingen aan de slag met zorgen, stimuleren, voordoen, applaudisseren, kijken, ontdekken en genieten.

‘Het was tijd voor hulp en het voelde goed’

Ieder jaar tijdens haar APK, zoals we de downpoli weleens gekscherend noemen, wordt er even door experts meegekeken. Zijn we op de goede weg? Doen we het juiste? Is er meer nodig? Dit jaar gingen we voor het eerst met vragen richting de controle. Ik had behoefte aan expertise. Het was tijd dat iemand anders ging meekijken, zodat ik kon blijven moederen in plaats van begeleiden. De logopediste was enthousiast, Livia reageerde nieuwsgierig en leergierig. De beslissing was genomen. Het was tijd voor hulp en het voelde goed.

Nieuwsgierig stappen we de auto uit, de deur van de praktijk wordt voor ons opengedaan. Het begin van een heel fijn half uurtje. Het naamgebaar hebben we goed bedacht. De twee opgestoken vingers mogen alleen nog even het gebaar voor spelen maken. Spelen, want logopedie is leuk! Aan heel Livia’s houding zie ik dat ze klaar is om te leren. Klaar om te groeien. Ze vindt het leuk. Ze observeert, doet na, wil het liefst meer en meer. Na het half uur negeert ze Veerles vraag waar haar jas is. Mijn jas? Ik hoor je niet. Ik wil niet weg! We nemen afscheid. Tot de volgende keer! Ik kan niet wachten!

Wil je meer over Livia lezen? Lees hier al Mama Mirjams columns.