Icon--npo Icon--EO Icon--eva Icon--eva-slogan Icon--comment Icon--audio Icon--mail Icon--video Icon--image Icon--search Icon--pinterestCircle Icon--facebook Icon--facebookCircle Icon--twitter Icon--snapchat Icon--instagram Icon--clip Icon--whatsapp Icon--pinterest Icon--youtube Eva Logo
Incest
30 september 2019 in Hoofd & hart

Lies de Waard werd misbruikt door haar vader

Lies de Waard (60) werd seksueel misbruikt door haar vader en schreef daarover het boek ‘Gewoon Lies’. “Incest had zoveel impact op mijn leven, het werd een voortdurend gevecht met mezelf.”

“Het misbruik begon op mijn elfde en duurde voort tot mijn veertiende,” steekt Lies van wal. “Ik dacht eerst dat het normaal was wat mijn vader met mij deed, tot ik een vriendje kreeg en het hem vertelde. Hij schrok en nam zijn moeder in vertrouwen. Die zei tegen mij: ‘Lies, het is niet goed wat er bij jou thuis gebeurt.’ Ergens wist ik het wel, want tijdens het misbruik had ik altijd een gevoel van afkeer en weerzin. Maar ik dacht dat incest bij het gezinsleven hoorde.”

‘Ik wilde dat de incest stopte’

Lies doet een poging om het misbruik te stoppen en hoopt op steun van haar juf, die ze in vertrouwen neemt. “Die wist niet hoe ze ermee moest omgaan. En omdat er niks gebeurde, schreef ik een brief aan mijn huisarts. Maar ik kreeg geen reactie. Daarom besloot ik aangifte te doen. Dat vond ik heel moeilijk, maar ik wilde dat het stopte: ik had nog twee jongere zusjes en was bang dat mijn vader ook hen zou misbruiken.”

Een paar dagen na de aangifte komen er twee rechercheurs op school. “Ze wilden met mij en mijn zusje praten. De volgende ochtend viel er een brief bij ons thuis op de deurmat. Mijn vader moest zich om 19.00 uur melden op het politiebureau. Er werd die dag aan de eettafel gespeculeerd waar dat voor zou zijn. Ik stierf duizend doden. Ik was bang dat mijn zusje iets zou zeggen en wist: als hij daarna terugkomt, slaat hij me hartstikke dood… Dus ik rende na het eten direct naar een vriendinnetje toe. Haar zus drukte me op het hart: ‘Je moet het aan je moeder vertellen; zij moet op de hoogte zijn.’ Toen ben ik langzaam teruggelopen en heb ik het mijn moeder verteld. Nog even had ik de hoop dat ze mij zou redden, maar dat deed ze niet. Ze begon heel hard te huilen en schreeuwde dat ik loog. Toen ben ik heel hard – en zonder schoenen – naar mijn vriendje gerend.’’

'Ik wist: als hij terugkomt, slaat hij me hartstikke dood'

Een cadeautje

Later die avond gaat ze samen met haar vriendje naar het politiebureau, waar Lies’ vader op dat moment nog steeds wordt vastgehouden. “Ik wilde weten wat er ging gebeuren, want die onzekerheid vrat aan me. De politiecommissaris vertelde dat mijn vader daar bleef en hij me naar huis zou brengen.” Ze zucht. “Dat was zo’n vreemd moment, want er waren allemaal bekenden van mijn vader. Mensen van zijn werk en van de kerk. Ze zeiden stuk voor stuk: ‘Het is niet waar.’ Ik was boos en dacht: hoe kunnen jullie dat nu weten? Jullie waren er toch niet bij.”

Er volgt een rechtszaak en deze mag Lies’ vader thuis afwachten. “Ik vreesde voor het moment waarop ik hem weer zou zien.” Opgewekt: “Maar tante Miep kwam me redden. Ze zei: ‘Ga je mee? Je mag een tijdje bij mij wonen.’ Nou, dat was een cadeautje! Ik mocht weg uit de omgeving waarin iedereen zei dat ik loog, maar tante Miep geloofde me. Ze had mijn moeder aangeboden om een tijdje voor me te zorgen zodat iedereen weer op adem kon komen.”

Incest

Terug naar huis

Bij tante Miep maakt Lies haar schooljaar af, maar daarna moet ze weer terug naar huis. “Mijn vader was veroordeeld en had een voorwaardelijke straf gekregen. Mijn oom vertelde later dat hij het misbruik aan hem had opgebiecht. Maar niet veel later ontkende hij het. Toen was hij ineens de vader van een rebelse dochter.”

Eenmaal thuis is er veel veranderd. “Als mijn zusjes vijf minuten te laat thuiskwamen, mochten ze drie weken niet weg. Maar als ik een halve nacht wegbleef, zeiden mijn ouders: ‘Ga maar gauw slapen.’ Het maakte ze niet uit, het boeide hen niet wat ik deed.” Het blijft even stil: “Maar mijn vader liet me met rust. Hij dacht vast: als ze één keer aangifte doet, doet ze het ook een tweede keer.”

'Het voelde alsof ik geen toekomst had'

Geen meisje

Terug in haar geboorteplaats vindt Lies steun bij een jeugdouderling. “Met hem kon ik goed praten over wat er was gebeurd. Ik heb lang in een soort vacuüm gezeten, waarbij ik dacht: ik kan niks, ik ben niks en het wordt niks. Het voelde alsof ik geen toekomst had. Maar deze ouderling had een rotsvast geloof en dat gaf me het vertrouwen weer een beetje terug. In de mens, maar ook in God.” Lachend: “En het kreeg een bijzondere wending, want ik werd verliefd op zijn zoon. We trouwden en kregen zes kinderen. Bij de geboorte van ons eerste kind werd nogmaals duidelijk hoeveel impact het misbruik nog steeds op mij had. Ik kon alleen maar denken: als het maar geen meisje wordt. Want die zou ik enorm willen beschermen en al het gevaar op afstand houden. Maar gelúkkig werd het een jongen. En toen ik van mijn jongste twee in verwachting was dacht ik: nu kan ik een meisje wel aan. Maar ook dat werden jongens. Onze Lieve Heer wist heel goed dat ik helemaal geen meiden moest hebben, daarvoor was ik te veel beschadigd.’’

‘Gewoon Lies’

Als Lies 57 jaar is, krijgt ze steeds meer de behoefte om over het misbruik te schrijven. “In eerste instantie wilde ik het gewoon van me afschrijven. Pas later ontstond de behoefte om een boek te schrijven voor vrouwen die hetzelfde hebben meegemaakt. Ik wil ze laten weten dat ze het leven waard zijn om te leven. Misbruik heeft namelijk enorm veel invloed op een mensenleven en hoe je dat ervaart. Mijn leven werd daardoor een voortdurend gevecht met mezelf. Als je nu voor jezelf knokt – oké. Maar ik vocht jaren tegen van alles. Op een bepaald moment kwam ik erachter dat dit geen zin heeft en het hoog tijd was dat ik voor mezelf ging vechten.” Na een diepe zucht: “Voor mijn huwelijk was het toen helaas al te laat. Mijn man kon niet met mijn rugzak omgaan; ik liet hem trouwens ook niet toe. We groeiden uit elkaar. En mijn verleden had ook invloed op de opvoeding van mijn kinderen. Als mijn zoons bijvoorbeeld met een vriendinnetje thuiskwamen, zei ik: ‘Als hij iets doet wat jij niet wilt, vertel het me dan, want dan regel ik het voor je!’ Dat vonden ze verschrikkelijk. Mijn oudste zoon zei op een gegeven moment: ‘Mam, wordt het niet eens tijd dat je aan onze kant gaat staan?’”

Alleen maar rotzakken

Lies ontdekt dat ze niet tegen alleen-zijn kan, en gaat na haar echtscheiding diverse relaties aan. “Na mijn scheiding heb ik er wel een behoorlijk zootje van gemaakt, hoor. Want ik liep alleen maar rotzakken tegen het lijf. Door mijn werk als vrachtwagenchauffeur ontmoette ik veel andere chauffeurs. En een van hen heeft mij tijdens onze relatie erg mishandeld. Mijn kinderen zeiden: ‘Mam, als je nu weer iemand aan ons voorstelt en het is opnieuw een vrachtwagenchauffeur, dan zie je ons en je kleinkinderen niet meer terug. Want het gaat niet echt goed met je op deze manier. Je moet maar zien wat je ermee doet. Wij willen nog wel tegen je zeggen dat we enorm veel van je houden’. Nou, op dat moment is het niet fijn om te horen. Maar ik heb zes wijze kinderen die heel goed weten wat goed voor me is. Ik heb zes keer goud gekregen!”

'Ik heb zes keer goud gekregen!'

'God maakt geen rommel'

Als vrachtwagenchauffeur rijdt Lies vaak op verlaten wegen. “Er gaat dan soms van alles door mijn hoofd. Vaak moet ik dan aan één lied denken: ‘Vader God, ik vraag mij af, hoe ik ooit heb geleefd, zonder te weten dat Uw Vaderhart al zolang om mij geeft.’ Dat heb ik altijd een prachtig lied gevonden, maar ik vraag mij af of ik het ooit weer kan zingen met de intentie zoals het bedoeld is. Met volledige overgave en vertrouwen. Weet je, mijn ex-schoonvader is ernstig ziek, maar toch blijft hij op God vertrouwen. Dan denk ik: wow, dat zou ik ook wel willen! Maar ik durf me niet volledig te geven, omdat ik bang ben dat er dan van alles misgaat. Hij vroeg: ‘Geloof je dat echt? Dat alles dan misgaat?’ Eigenlijk weet ik heel goed dat het niet zo is. Als God in al die jaren niet voor me had gezorgd, was ik er niet meer geweest.” Trots: “Bovendien kijk ik nu terug en denk ik: eigenlijk heb ik het allemaal nog niet eens zo slecht gedaan. Ik heb geweldige zoons, schoondochters en kleinkinderen.”

Wat hoopt ze dat haar boek zal uitwerken bij de lezers? “Dat het andere vrouwen inspireert, en ervoor zorgt dat zij zich niet meer zo alleen voelen. Als je misbruikt bent, is het leven al zwaar genoeg. En je zelfbeeld is aan diggelen gegaan. Iedereen die misbruikt is, zou voor de spiegel moeten gaan staan en zeggen: ‘Ik ben ik en ik ben oké, want God maakt geen rommel.’”

 

Lees ook: Annelies heeft haar vader ‘70x70 keer’ vergeven